• TDCS

    De opmars van de geneeskunde is volop aan de gang. Daar waar de geneeskunde, gebaseerd op chemische benadering, zich vragen stelt in verband met chronische ziekten, zou de tijd aangebroken zijn om de waarde van de behandelingen met frekwenties te onderzoeken. Eddy Van Calster, creator van de Froton Life Tool, legt uit waarom Influenced Transcutaneous Current Stimulation hiervoor in aanmerking komt en welke resultaten men ervan kan verwachten.

     

    • Beste mensen, collega’s en vrienden. Wees welkom op deze eerste NeuroPscience conferentie.

    mijn naam is EVC. Ik ben CEO van NeuroPscience en hoofd van de NeuroPscience Medical Department. Je zou kunnen zeggen dat ik de geestelijke vader ben van het NeuroPscience project en ik ben heel blij dat er meer en meer mensen interesse vertonen voor dit project, dat gebaseerd is op innovatie en een open-minded science. Ik ben dan ook heel trots van te kunnen zeggen dat ik gesteund ben door de meest vooruitstrevende, talentvolle jonge wetenschappers zoals Laurens en Michael, die hier vandaag voor ons allen komen spreken.

     

    Ik zal het vandaag hebben over de activiteiten binnen NeuroPscience. Activiteiten die er zijn ontstaan doorheen een spontane evolutie dankzij het enthousiasme van collega’s en de stimulerende feedback van patiënten. De mens ziet, hoort, ruikt en proeft slechts binnen een beperkt gamma. Geluid wordt bijvoorbeeld slechts binnen bepaalde frekwenties opgevangen. De andere frekwenties, die we niet horen (maar de hond bijvoorbeeld wel) heeft de mens als onbestaande beschouwd zolang er nog geen instrument was uitgevonden om het op te meten. De mens heeft dus de neiging om alles als onbestaande te klasseren wat hij niet in staat is te vatten. We dienen ons vragen te stellen over dit standpunt. Is dit een wetenschappelijk standpunt? Wat is trouwens een wetenschappelijk standpunt? Als we hier even op ingaan, merken we dat het bevattingsvermogen afhankelijk is van de culturele en maatschappelijke achtergrond. Wanneer we bijvoorbeeld kijken naar het aspect “genezing” merken we dat de chinese geneeskunde een zeer verschillende approach heeft naar diagnose en therapie. En wat denken we dan van de Tibetaanse geneekunde, die de ziel in de therapie integreert. We spreken zelfs van oosterse en westerse geneeskunde. En wij in het westen hanteren natuurlijk de juiste geneeskunde! Niet? Wat een waanzin, dat er verschillende soorten geneeskunde zouden zijn. Zelfs binnen de Europese landen groeien de geschillen. Ik was aanwezig in de senaat, uitgenodigd als expert met professor Bernard om oplossingen te vinden rond het thema “toxiciteit en dosis”. Daar hoorde ik een senator wanhopig zeggen: het is al even moeilijk om wetenschappers te doen overeenkomen dan politiekers. Dit is enkel mogelijk wanneer de wetenschap gefragmenteerd is en dit is zeker niet in het voordeel van de zieke die om hulp vraagt. We mogen niet uit het oog verliezen dat ook onze hersenen slechts kunnen vatten wat binnen het begrips-vermogen vatbaar is. Maar ook omgekeerd: onze hersenen zijn wellicht in staat een aantal mogelijkheden te bewerkstelligen die we nog niet kennen omdat we nog niet in staat zijn geweest deze activiteiten te meten. Aangezien we deze eigenschappen niet kunnen meten denken we al snel dat ze niet bestaan. Dankzij de EEG en de laatste evoluties op dit vlak krijgen we nooit eerder geobserveerde informatie over hersenen en hun functie in beeld (voor meer details, gelieve onze Neuropsycholoog aan te spreken-ze hebben beide gewerkt met fMRI). Ik wil het vandaag hebben over een techniek die behoort tot een “nog onvoldoende geëxploreerd” veld, maar die een potentieel heeft die ons kan helpen om de functie van het zenuwstelsel en andere lichaams-functies beter te begrijpen. Maar eerst nog een beetje theorie.

    Neem een toestel, bijvoorbeeld een versterker. Iemand die nog nooit een versterker heeft gezien, laat staan heeft horen functioneren, kan bij het aanschouwen van het toestel niet zeggen wat het is (noch waarvoor het dient). Het is slechts als er stroom door gejaagd wordt dat men zich een beeld kan maken van wat het toestel voorstelt. Op dezelfde manier kan het lichaam slechts onderzocht worden, voor tal van zijn functies, door er energie op één of andere manier door te jagen (la fonction fait l’organe): onder vorm van magnetisch veld bijvoorbeeld voor een fMRI (nogmaals: vraag maar aan de neuropsycholoog). Maar deze energie mag niet eender hoe gekanaliseerd zijn: hij moet beantwoorden aan criteria – intensiteit en aard – zodat het lichaam er iets mee kan doen. Zoals ik al vermeld heb: het lichaam herkent slechts een beperkt  aantal informatie. We kunnen dan zeggen dat er een resonantie is tussen de informatie en de ontvanger. Resonantie bijvoorbeeld tussen de radiogolven en de tuner, tussen de sateliet-golven en de gps en tussen electro-magnetische golven en het lichaam van de mens.

    De medische wereld heeft zich de laatste decennia gefocust op de scheikundige benadering van het menselijk lichaam, onder vorm van de farmacologie. Dat heeft ons goed vooruit geholpen en vele levens werden daardoor gered of verbeterd. Deze benadering heeft ook te maken met een vorm van herkenning of resonantie, aangezien het lichaam de toegediende stof op de meest optimale manier dient te gebruiken. Dit lijkt moeilijker dan men dacht aangezien niet iedereen op dezelfde manier reageert op eenzelfde stof. Wij zijn dus van mening dat het nuttig zou zijn indien we als aanvulling zouden kunnen kijken naar de effecten van electro-magnetische (EM) golven op het lichaam. En we zouden ook willen nakijken of de electro-magnetische trilling van stoffen (dus niet enkel van het toestel zelf) waardevol zou kunnen zijn voor het lichaam. Een stof, zoals een geneesmiddel, kan namelijk EM informatie vrijgeven, kan iets over zichzelf loslaten, wanneer er energie wordt doorheen gestuurd. We zouden kunnen stellen dat de stof zijn trillingsgetal gebruikt om zijn karakteristiek te promoten. Ofwel dat de EM scan van het middel toelaat dat zijn EM informatie wordt vrijgegeven.

    Voor het onderzoek van dit fenomeen hebben we gekozen voor een niet-invasieve methode, nl. het stimuleren van de huid. Een eerste methode die ik even wil aanhalen is TDCS (Transcranial Direct Current Stimulation), dat werd onderzocht, onder andere, in het kader van de UCL (Université Catholique de Louvain-la-Neuve). Ik kan hierover spreken omdat onze “Head of NeuroPscience Research Department” eraan heeft meegewerkt. We hebben dus voor jullie de gewenste informatie beschikbaar. Een artikel werd gepubliceerd in 2008. Je kan het artikel laten opsturen op aanvraag. Het resultaat heeft ons aangemoedigd ons toe te leggen op een reeds bestaande, maar nog weinig onderzochte methode, nl. ITCS (Influenced Transcutaneous Current Stimulation). Deze heeft namelijk raakpunten met TDCS, waarbij men bij deze laatste een stimulus (Direct Current) geeft op de hoofdhuid. Bij TDCS geeft dit een modulatie van de corticale functie (guiding Neuroplasticity). Bij ITCS is er een stimulus (ook een Current Stimulation) maar in dit geval op de huid-punten van het lichaam, en meer precies waar de huid-weerstand lager is. Dankzij Dr. Voll hebben we hierover al bruikbare informatie: hij bracht al deze punten in kaart. Aldus hebben we hier al een gegeven, die we naar waarde kunnen onderzoeken. Bovendien heeft men bij ITCS de mogelijkheid gecreëerd alle stoffen te onderzoeken naar hun trillingsgetal, zoals hierboven vermeld. Vandaar spreekt men van Infuenced Current Stimulation: de stroom die door het lichaam wordt geleid wordt door het trillingsgetal van het middel beïnvloed. De vraag is dan of in dat geval ook het lichaam EM voldoende wordt beïnvloed om genezing te bekomen. Het middel kan in principe eender welke stof zijn: van een stuk banaan tot een voedingssupplement, een anti-bioticum of een stuk metaal.

     

    • resultaten 2014-2015

    Vooraleer men een grootschalig wetenschappelijk onderzoek zou starten is het wenselijk een idee te hebben over de haalbaarheid van het project. Op dat moment zoekt men naar een indicator: iets wat er op wijst dat het zou werken. We hebben daarom eerst een kleinschalig onderzoek gedaan en ik heb daarvoor een toestel gebruikt dat we nu ook gaan gebruiken voor het grootschalig wetenschappelijk onderzoek omdat het een aantal zeer nauwkeurige feed-back-mechanismen bevat, wat toelaat de metingen beter te kunnen objectiveren. We hebben dus de patiënt in een gesloten kring geplaatst. Om de derde en laatste uiteenzetting van vandaag beter te begrijpen zal ik heel kort de hypothese illustreren. Bij een perfect functionerend orgaan of deel van een orgaan slaat het toestel uit op 50. Elke afwijking hiervan wordt beschouwd als een storing van het evenwicht. Dit staat in geen enkel opzicht voor een medische diagnose. De link tussen het verstoorde evenwicht en een medische diagnose kan enkel gemaakt worden door de tussenkomst van een arts dankzij zijn ervaring en zijn interpretatie-vermogen. Het inzicht over het geheel van de storingen kan echter zeer nuttig zijn om te komen tot een specifieke benadering ter ondersteuning van de gezondheid, met de mogelijkheid dat de patiënt het evenwicht vindt om zichzelf te genezen.

    We ondersteunden 64 patiënten, over een periode van ongeveer 2 jaar, waarvan 38 patiënten objectiveerbare fysieke klachten hadden. De overige patiënten werden niet weerhouden uit voorzorg omdat bij sommige klachten mogelijk een te grote psychologische factor meespeelde.

    De weerhouden 38 patiënten hadden gemiddeld 3,47 klachten, waardoor we in totaal 132 klachten konden evalueren. We maakten een onderscheid tussen de klachten die verbeterd of verdwenen waren, deze die stabiel gebleven waren en deze die verergerd waren. Bij 3 klachten (2,2%) was de uitleg van de patiënt onvoldoende duidelijk om te kunnen uitmaken wat het resultaat was. 102 klachten waren verbeterd tot verdwenen, waarvan 39 totaal verdwenen en 63 verbeterd (dus 77,3% resultaat). Dit wil dus zeggen dat 26 klachten (19,7%) stabiel waren gebleven. 1 klacht (0,8%) was verergerd. Niet door de behandeling, maar door het natuurlijk proces van ouderdom (rheuma op 78 jaar: verdikking van de gewrichten).

    Alle klachten die we behandeld hebben waren volgens de patiënten al vele malen behandeld door andere methoden, zonder resultaat. Om het placebo-effect te minimaliseren heb ik bij elke patiënt duidelijk uitgelegd dat er bij deze benadering van het zoeken naar ondersteuning van de gezondheid geen geneeskunde wordt toegepast, en dat het een methode behelst waarvan de wetenschappelijke achtergrond onvoldoende erkenning heeft gekregen. Om enig gevaar voor de patiënt te voorkomen heeft men enkel gebruik gemaakt van middelen die niet als geneesmiddel zijn beschouwd. We dringen er altijd op aan dat de patiënt de behandeling bij zijn arts of specialist niet onderbreekt of verwaarloost. De patiënten werden op de hoogte gebracht van het gebrek aan farmacologische referenties van de middelen (tenslotte gaat het hier enkel om het onderzoek naar de EM informatie).

    De klachten die stabiel zijn gebleven zijn eerder van neuro-degeneratieve aard, obesitas (waarbij ik geen controle heb over de voedings-consumptie), de zuivere hooikoorts en hoge bloeddruk bij mensen onder medicatie. Buiten deze constatatie merken we ook op dat het resultaat over het algemeen niet-symptoom gebonden is, maar wel persoonsgebonden: hetzelfde symptoom verbetert bij de ene wel en bij de andere niet. Er dient opgemerkt te worden dat de meeste klachten nog kunnen verbeteren bij de patiënten die nog niet zijn afgehandeld. Gemiddeld is er resultaat voor een voldoende aantal symptomen bij een patiënt na 4,5 zittingen, zodat de tevredenheidsgraad geschat wordt op 8 op 10, een subjectieve schatting die gebaseerd is op de schaal van 0 tot 10 waarbij 0 = geld terug a.u.b. (gelukkig niet gebeurd) en 10 = zeer tevreden en resultaat is beter dan verwacht.

    De verbeteringen en/of verdwijnen van de symptomen hebben aangehouden na het stopzetten van de medicatie. Dit is een belangrijk punt omdat er de vraag rijst of een persoon feitelijk genezen is wanneer hij doorlopend onder de medicatie dient te blijven ter symptoom-bestrijding.

     

    Gezien de relatief goede resultaten en de mogelijkheden die ITCS biedt, stellen we dus voor de volgende stap van het wetenschappelijk onderzoek te starten. De methodologie zal u uitgelegd worden door de verantwoordelijke voor de NeuroPscience Research Department. Op het einde van zijn voorstelling hebben we nog wat tijd voorzien om eventuele vragen te beantwoorden. Mijn taak bestaat erin nauwkeurige metingen te doen om een data-base samen te stellen waarmee de Research Department aan de slag kan. Hiervoor heb ik uiteraard nog meer patiënten nodig. Ik nodig jullie dus uit om het project te steunen door uzelf te laten opmeten in het kader van dit wetenschappelijk onderzoek. De ITCS is gratis, maar elke vorm van sponsering zal onontbeerlijk zijn. De bijdrage die je betaalt gaat naar het wetenschappelijk onderzoek en ter ondersteuning van zieken en invaliden. Maar eerst nog een paar woordjes over een vernieuwende benadering die we ook geïntegreerd hebben binnen de werkzaamheden van NeuroPscience. Het gaat om een methode die toelaat de kloof tussen lichaam en geest te vernauwen. De Froton Life Tool is een werk-instrument die helderheid brengt binnen wat men noemt de “psycho-somatologie”: het verband tussen lichaam en de psyche van de mens. Het kan ook gebruikt worden om zuiver psychische ongemakken te benaderen op een diepgaande wijze, zoals in het geval van angsten en ongecontroleerde emoties. Ik ga hierover vandaag niet veel vertellen omdat ik hierover regelmatig workshops geef. Ik nodig jullie uit om te komen luisteren en deel te nemen aan de workshops waarvan enkelen onder jullie, die reeds gekomen zijn, kunnen getuigen dat we tijdens deze workshop ontzettend boeiende momenten meemaken, waar het thema ook over gaat. Jullie kunnen de Froton Life Tool met zijn bijpassend boekje bekijken aan de stand. Maar ik ga er ook niet verder op in omdat er iemand speciaal van de UK naar hier is gekomen om de wetenschappelijke achtergrond van een aspect ervan, nl. de benadering van emoties en angsten voor te stellen. Michael Dalili is neuropsycholoog en is aan het doctoreren in het specifieke domein dat hij u met perfecte kennis van zake zal presenteren. Ik vraag een warm applaus voor Michael Dalili.

     

    Summary

    Effects of weak electrical currents on brain and neuronal function were first described decades ago. Recently, DC polarization of the brain was reintroduced as a noninvasive technique to alter cortical activity in humans. Beyond this, transcranial direct current stimulation (tDCS) of different cortical areas has been shown, in various studies, to result in modifications of perceptual, cognitive, and behavioral functions. Moreover, preliminary data suggest that it can induce beneficial effects in brain disorders. Brain stimulation with weak direct currents is a promising tool in human neuroscience and neurobehavioral research. To facilitate and standardize future tDCS studies, we offer this overview of the state of the art for tDCS.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *